Werkgroep petrografie avonden
Petrografie-avond 05-02-2026
Donderdag 20-11-2025
Inleider: Johan Oude Heuvel
Onderwerp: natuurlijk glas, meer dan obsidiaan!
Aantal leden: 10
We hebben vanavond een “breekbare”lezing; over natuurlijk glas.
Dat de avond breekbaar is blijkt wel uit het feit dat het scherm niet wil functioneren en dat zelfs de beheerder het scherm niet aan de praat krijgt.
Niet voor één gat gevangen beginnen we knus bij elkaar de presentatie van het laptopscherm te bekijken wat wonderbaarlijk goed gaat!
Johan begint met een definitie van glas en geeft dan aan dat er meerdere soorten natuurlijk (dus geen man-made) glas bestaat.
Gewoon glas bestaat uit SiO2, CaCO3 en Na2CO3, al of niet met wat andere mineralen als hulpmiddel voor de kleur en specifieke eigenschappen zoals loodkristal (glas met 24% PbO). Glas (ook het natuurlijke) is altijd een amorfe stof.
De lezing gat over natuurlijk glas en daar zijn in principe 4 hoofd-typen van:
- Vulkanisch glas
- Tekieten
- Fulgurieten
- Organisch glas
Een bijzonder soort “natuurlijk” glas is het man-made Trinitiet, zand dat tot glas versmolten is tijdens de 1e test-explosie van een atoombom in de USA.
Obsidiaan
Bij vulkaanuitbarstingen, als het magma de aardoppervlakte bereikt, kan obsidiaan zich vormen onder bepaalde omstandigheden.
- Het bestaat grotendeels, meer dan 70%, uit niet-gekristalliseerde silica. Doordat de lava snel afkoelt, is er geen tijd voor kristalvorming, wat obsidiaan zijn glasachtige uiterlijk geeft.
- De kleurvariaties in obsidiaan zijn talrijk. Terwijl sommige exemplaren helder en bijna doorschijnend zijn vanwege een gebrek aan onzuiverheden, zijn andere diepzwart, vaak door de aanwezigheid van microscopische kristallen van mineralen zoals magnetiet.
- Microscopische kristallen van veldspaat of mica zorgen voor de schitterende reflecties in bijvoorbeeld regenboogobsidiaan
Puimsteen, ook vulkanisch glas
- Puimsteen: een poreus, schuimachtig vulkaanglas dat door een snel afkoelingsproces niet is gekristalliseerd; het is schuimig door het plotseling vrijkomen van opgeloste gassen.
Tranen van Pele (Hawaïaanse godin van de vulkanen) : gitzwarte, traanachtige druppels, meestal aan het uiteinde van Pele's haar (zie afbeelding); ook apachetranen
Lunar Glass
- Green glass spheres from the Apollo 15 mission. NASA
Tektieten
Tektieten ontstaan wanneer aardmateriaal smelt door de impact van een meteoriet, vervolgens de atmosfeer in wordt gelanceerd en daarna weer op aarde neerdaalt.
- Op hun reis door de atmosfeer smelten ze deels opnieuw, wat hen vaak een aerodynamische vorm geeft.
- De naam 'tektiet' komt van het Griekse woord 'tektos', wat 'gesmolten' betekent.
- Ze kunnen kleuren hebben variërend van groen en bruin tot grijs en zwart en bestaan voornamelijk uit silica, aangevuld met sporen van elementen zoals aluminium, ijzer en magnesium.
- Hoewel tektieten een glasachtige structuur hebben, bevatten ze geen water, wat ze onderscheidt van obsidiaan.
Moldaviet
Moldaviet is wellicht de meest bekende tektiet en onderscheidt zich door zijn unieke groene kleur.
- Zo'n 14 miljoen jaar geleden trof een asteroïde met een indrukwekkende diameter van ongeveer een kilometer onze aarde. Deze botsing leidde tot het ontstaan van de Nördlinger Ries krater, met een imposante diameter van 24 km.
- Tijdens deze catastrofe werd de asteroïde niet alleen verpulverd, maar werden er tevens gesmolten fragmenten de atmosfeer in geslingerd.
- Na een reis van honderden kilometers door de lucht, belandden deze 'glazen druppels' in het gebied dat we nu kennen als Tsjechië.
- We noemen deze bijzondere fragmenten moldaviet, een naam die is afgeleid van de rivier de Moldau.
Lybisch glas
Libisch glas is een andere opmerkelijke tektiet.
- Deze tektiet ontstond zo'n 28 miljoen jaar geleden door de impact van een immense meteoriet en wordt tegenwoordig aangetroffen in de Egyptische woestijn nabij de grens met Libië.
- Wat dit woestijnglas zo uniek maakt, is zijn opvallende gele kleur, die soms wordt doorspekt met bruine tinten. Deze kleuren weerspiegelen de diverse zandlagen waaruit het glas is ontstaan. Het is de enige tektiet op aarde met zo'n opvallend gele tint, wat het de liefkozende bijnaam 'goud tektiet' heeft bezorgd.
- De pracht van dit woestijnglas is al duizenden jaren bekend. Ten tijde van de farao's werd het beschouwd als een waardevolle edelsteen. Het is zelfs gebruikt in de scarabee-hanger van Toetanchamon.
Agni Manitiet
De Agni Manitite, gecategoriseerd onder de pseudo-tektieten,
- Op het eerste gezicht heeft deze steen veel weg van een tektiet. Maar bij –
- Hoewel de steen de uiterlijke kenmerken van een tektiet vertoont, is hij niet ontstaan door de inslag van een meteoriet. Alles wijst erop dat deze steen zijn oorsprong vindt in de krachtige vulkaanuitbarstingen van Indonesië. Tijdens deze erupties werd magma met grote kracht de lucht in geslingerd, waar het stolde tot vulkanisch glas. Vervolgens viel dit, net als tektieten, terug naar de aarde in de vorm van glazen druppels.
- Dit is de reden dat de Agni Manitite tot de obsidiaanfamilie wordt gerekend. De naam "Agni Manitite", afkomstig uit het Sanskriet, betekent "parel van vuur", wat in deze context zeer toepasselijk is.
- Andere vergelijkbare pseudo-tektieten zijn saffordiet en colombianiet.
Fulgurieten
Een compleet andere vorm van natuurlijk glas vinden we bij fulguriet.
- Ditmaal is niet een meteorietinslag of een vulkaanuitbarsting de oorzaak, maar bliksem!
- Door een blikseminslag wordt zand omgesmolten tot glas, een andere benaming voor fulguriet is dan ook ‘versteende bliksem’.
- Dit resulteert in grillige buizen die de vorm van de bliksemschicht aannemen.
- Fulguriet wordt vaak in de woestijn gevonden en hoewel onweersbuien hier zeldzaam zijn, komen ze wel voor en vaak in extreme vormen.
- De meeste fulgurieten worden gevonden in duinpannen; dit is de plek waar de bliksem het vaakst inslaat, omdat het grondwater hier het dichtst aan de oppervlakte ligt.
- Er zijn meerdere typen fulgurieten, afhankelijk waar de bliksen inslaat.
Organisch glas
Sommige dieren, zoals de Hexactinellid-spons, oftewel de "glasspons“ (ook venusspons) hebben amorfe, op silica gebaseerde weefsels (spicula). Sommige wetenschappers noemen het een skelet van glas
Trinitiet
Een andere manier waarop glas kan ontstaan, is door een atoombom in de woestijn te laten ontploffen.
- Hoewel we in dit geval niet echt van natuurlijk glas kunnen spreken, is de vorming van glas na de allereerste atoomproef zeker het vermelden waard.
- In de nasleep van de eerste atoomexplosie bleef er een krater achter, gevuld met een glasachtige substantie, genaamd trinitiet. Dit materiaal, dat voornamelijk bestaat uit siliciumdioxide, is het resultaat van gesmolten woestijnzand.
- Afhankelijk van het ijzergehalte in het zand kan trinitiet variëren van groene tot rode tinten.
Zeeglas
Zeeglas is aangespoeld glas op stranden dat gepolijst is door verwering door de zee en de stenen waar het langs geschaafd is. Het wordt door strandjutters en andere verzamelaars meegenomen en onder meer in siera
Glass Beach is een strand in het MacKerricher State Park in de Amerikaanse staat Californië. Het strand bestaat uit overvloedig aanwezig strandglas dat ontstaan is door het jarenlang storten van afval op een deel van de kuststrook ten noorden van het dorp.
Ondanks de technische problemen was het een hele leuke en leerzame avond.
Peter van der Berg

Petrografie-avond 05-02-2026
Werkgroepavond Petrografie 5/03/2026
Inleider: Luc van Veen
Onderwerp: Een reis door de Dolomieten
Aantal aanwezige leden: 7
De reis beging zo’n 240 miljoenjaar geleden toen de pre-Dolomieten nog een kuststreek vormden aan de Tethys Oceaan (zie de rode ster op foto 1).
Er ontstond in de loop van de tijd een opeenhoping van koraalriffen, meer dan 1000 meter dik. Van laagvorming was er toen nog absoluut geen sprake.
Van 230 – 100 miljoen jaar geleden vormde zich door geologische processen (sedimentatie en vulkanisme) de gelaagdheid en de rood/bruin-kleuring door hematiet van de Dolomieten. Ook dit was weer een pakket van ca 1000 meter dikte.
Zo’n 65 miljoen jaar geleden begon de vorming van de Dolomieten/Alpen pas echt gestalte te krijgen; tijdens de Alpine Orogenese.
De Afrikaanse plaat begon onder de Europese plat te schuiven en de Alpen werden hierdoor omhoog gedrukt (wat heden ten dage nog steeds het geval is!).
Dat koralen de basis van de Dolomieten is, kun je mooi zien op foto 2; Dit stuk steen met koralen lag op een parkeerplaats in Duitsland.
De overige foto’s laten mooie plaatjes zien van de geologische processen in de Dolomieten (ook wel de noordelijke en zuidelijke Kalk-alpen genoemd).
Deze processen variëren van berg-afschuivingen (foto 3) in aardbevings-gebieden tot vervormingen van de gesteentelagen (foto 4) door de immense druk van opstijgend gesteente tot karst-verschijnselen.
Ook de laag-vorming uit de periode 230 – 100 miljoen jaar geleden is mooi te zien op foto 6.
Het was een hele interessante lezing over de geologische en landschappelijke kant van de Dolomieten.
Peter
werkgroepavond petrografie 02-04-2026
Werkgroepavond petrografie
Inleider: Jan Veldhuis
Onderwerp: Postmagmatische processen
Aantal aanwezig: 6 leden
Jan begint de lezing met de uitleg van de titel van deze lezing
Het zijn dus geologische processen die plaatsvinden na of aan het begin van de stolling van magma.
Er zijn twee soorten stolling die hun eigen specifieke materiaal (gesteente) opleveren;
- Intrusieve stolling: levert graniet op
- Extrusieve stolling: levert lava op
Waarom zijn deze processen belangrijk voor het vinden van een groot scala aan mineralen?
Tijdens het stollen van de magma blijven er vluchtige bestanddelen (zoals water en gassen) en ook een restsmelt over. Deze restsmelt is waardevol want hierin bevinden zich meestal de mineralen/ertsen enz en deze worden dan op vaste plaatsen volgens de geologie afgezet.
Jan vertelt ook over een aantal punten die voor het magma belangrijk zijn.
- Aardwarmte
- Hoe smelten gesteenten
- Waar ontstat magma
- Wat zit er in magma
- Welke processen spelen zich in magma af?
Al deze punten loopt Jan in zijn lezing stuk voor stuk af.
Welke postmagmatische processen zijn er?
- Pechmatische
- Metasomatische
- Hydrothermale
- Postvulkanische
Ook deze processen worden door Jan weer duidelijk uitgelegd.
Het punt “postvulkanische processen” komt nog even verder aan de orde in de lezing aan de hand van voorbeelden.
Deze processen spelen zich aan het aardoppervlak af en zijn dus op een aantal plaatsen “live” te zien.
Jan noemde oa de fumarolen (waaruit hete gassen ontsnappen), solfataren (hier treden dampen of gassen die sterk zwavelhoudend zijn, zoals zwaveldioxide, diwaterstofsulfide, zwaveltrioxide of zwavel in dampvorm, naar buiten), mofetten (plekken waar CO2 omhoog komt; goed te zien in het Laacher See waar constant CO2 opborrelt), geisers, hete bronnen en modderbronnen.
Dit was een leuke en vooral leerzame avond die helaas door te weinig leden is bijgewoond.
Hartelijk dank Jan voor deze lezing.
Peter van der Berg





























